Een toets- en examenbeleid moet leerlingen vooraf laten begrijpen wat er gebeurt bij afwezigheid of een onvoldoende. Deze uitleg gaat over schoolexamens in het voortgezet onderwijs. Maak in het examenreglement en de uitvoering duidelijk onderscheid tussen een gemiste toets inhalen en een afgelegde toets herkansen. Gebruik niet één systeemcode voor beide situaties.
Bij schoolexamens vraagt geldige afwezigheid een andere route dan een onvoldoende resultaat. Laat de administratie dat onderscheid bewaren.
Een geldige afwezigheid verbruikt geen herkansing
De Inspectie van het Onderwijs legt uit dat een leerling bij een geldige reden voor afwezigheid het schoolexamen moet kunnen inhalen, zonder dat dit een herkansing kost. Leg vast wie de melding ontvangt en de reden beoordeelt. Zorg dat de leerling weet welke informatie nodig is. Een administratieve standaardinstelling mag deze route niet onzichtbaar maken.
Voorbeeld: ziekmelding als herkansing geregistreerd
Fictief: een leerling mist door een geaccepteerde ziekmelding het schoolexamen Engels. Bij het inplannen kiest de administratie “herkansing”, waardoor de later beschikbare herkansing uit het overzicht verdwijnt. Controleer de oorspronkelijke reden, herstel de registratie en bevestig de resterende mogelijkheden aan de leerling. Alleen de toets alsnog laten maken corrigeert het verdwenen recht in het systeem nog niet.
Scheid kwaliteitscontrole van maatregelen
Een vermoede onregelmatigheid vraagt de daarvoor geldende procedure, niet automatisch dezelfde route als ziekte. De inspectie beschrijft dat de examencommissie de kwaliteit bewaakt, maar zelf geen maatregel wegens een onregelmatigheid oplegt. Controleer daarom wie bevoegd is voordat een sanctie wordt meegedeeld. Test uw beleid met afwezigheid, een onvoldoende en een incident als drie verschillende gevallen, inclusief terugkoppeling aan de leerling.
